Salland Logo            Kom roeien - the movie     Roeiclinic                                     

Klokslag negen uur en iedereen is al druk aan de slag. Voorbereidingen voor een ‘gewoon’ uitje over de Vecht naar De Zwieseborg. Het begin- en eindpunt zijn bekend, daartussenin lijkt gesneden koek. Of niet…?

Twee boten worden uit de loodsen gehaald. De bekende De Haandrik en de Hardenberg II, de vier met sturen. Van tevoren

wordt even op buienradar gekeken. Er lijkt helaas wat regen aan te komen, hoe laat precies is niet duidelijk want de tijd verschuift telkens, maar waarschijnlijk rond een uurtje of elf. Een extra bruin kleurtje zit er voor ons helaas niet in. Iedereen heeft zich verder lekker luchtig gekleed, want de temperatuur is goed met zo’n ruime twintig graden. Tien man/vrouw sterk, een hele club – grotendeels de maandagochtendclub. Geroutineerd pakken ze ieder hun deel van de werkzaamheden op, zodat de voorbereidingen zo gepiept zijn en de beentjes van het vlot in de boten kunnen. Zo’n half tien halen we de roeiriemen aan.

Jan V seint de sluiswachter in dat wij eraan komen. De Vecht over, door de sluis ligt dit stuk ook binnen ons bereik. Nieuwsgierig gaan wij gretig door en maken routinematige slagen. In het begin nog even het ritme zoekend, maar allengs is het een geoliede machine, met als stuur op de Haandrik een oude rot in het vak, onze Jan V. In de andere boot eveneens een zeer ervaren stuur, Ada. Na een half uur is de sluis in zicht, waar we langzaam in de sluiskolk varen. De sluiswachter staat ons al op te wachten. De twee boten leggen aan, waarbij de pikhaken in de aanslag worden gehouden. Er zijn helaas weinig houvastpunten, zodat maar één haak per boot kan worden gebruikt. De rest houdt de boot in balans door de riemen langszij te leggen aan stuurboordwal, terwijl aan bakboord de boot in balans gehouden wordt door deze bladen vlak op het water te leggen. De deuren gaan dicht en de sluiswachter laat het water langzaam zakken. ‘Langzaam’ zoals wij dit hem expliciet vragen. Twee meter is best veel en voor enkelen onder ons is dit een geheel nieuwe, enigszins spannende, ervaring. Na enkele haperingen, waardoor het geheel iets langer duurt, zakt het water inderdaad langzaam. Een aardige ervaring, leuk om te zien, maar eng…? Nee! Wel tijdrovend, ruim een half uur, maar so what, we hebben de tijd. Dan gaat de deur langzaam open en zien wij een prachtig natuurlandschap voor ons: De Vecht met zijn veelkleurige wallen, gele dotters en zijn vele insecten zoals blauwe en groene libellen. Een waterhoen met haar jongen komt dartel voorbij vliegen en zwemmen. Genietend van de omgeving varen wij rustig verder, af en toe lassen we een nodige pauze in om wat te verzitten of om even wat te drinken. We passeren het Gat van Joosten. Een ruw, haast ondoordringbaar natuurgebied, die door velen nog niet ontdekt is. Een plas, waar vroeger veel gesurft werd, maar tegenwoordig vrijwel alleen door vissers en hondenliefhebbers wordt bezocht. En een heel enkele zwemmer…

Na een voor sommigen lange - maar voor anderen een leuke, makkelijke tocht - passeren wij de nieuwe fietsbrug, het pondje en leggen aan bij het planton. De Hardenberg II is net aangelegd en ze zijn al bezig deze te verslepen, zodat De Haandrik hier kan aanmeren. Het uitstappen gaat gesmeerd. Iedereen helpt elkaar, als wij een afspiegeling van de maatschappij zouden zijn, nou dan zat het met behulpzaamheid, respect en begrip jegens een ander wel goed! Handdoeken, kleedjes maar geen stoeltjes uit; dat past niet in een boot. Koffie en een appel/rozijnen bakplaatcake gaan er naar deze inspanning goed in! Rust, natuurschoon en… regen? Nee dus. Dit laatste blijft uit, evenals overigens de zon. Voor de gemiddelde mens dus oké. Enkele mooie foto’s worden geschoten, zodat ook andere Sallanders én het nageslacht kan meegenieten. Circa een uur later, besluiten we dat het tijd is om op te stappen en lopen we weer richting de boten.

De terugweg lijkt weer gesneden koek. Ditmaal is in De Haandrik Margret E. de stuur, onervaren maar leergierig. Gelukkig vindt zij een uitstekende souffleuse in Vrouwke M., zodat zij met enige humor ‘geroutineerd’ de stuurmankreten uitroept. In één ruk wordt het traject richting de sluis afgelegd. De sluiswachter blijkt er nog niet te zijn, zodat af en toe even een aantal slagen gestreken moeten worden om niet in de gele plomperds te belanden. En ja hoor, de gele wagen arriveert, de sluiswachter springt eruit en is druk in de weer. De lichten knipperen, van twee rood, naar één rood en weer twee rood. Dat lijkt niet op te schieten. Maar wij…, wij hebben de tijd.

Hé verhip, het licht gaat op groen, één deur open, de tweede deur open en het licht ging weer op rood. Tja… nog geen geoliede machine. Gelukkig doet de wenk-arm van de sluiswachter het wel en loodst hij ons naar binnen. Ontspannen blijven wij zitten. Nu zal het water twee meter gaan stijgen, met ons erop. Ach ja, wij zijn inmiddels ‘ervaren’. Het kan ons niet deren, toch? De deuren sluiten, het water komt naar binnen… rustig.

Rustig – golvend woest!

Een enorme stromende, woeste kolkende watermassa komt naar ons toe.

‘Balanceren, het water komt snel. Een woeste massa!’ roept de stuur als waarschuwing. Zij heeft nu het overzicht. De vijf in de boot doen hun uiterste best om de boot in balans te houden. Dit is niet makkelijk. Geheel anders dan het de heenweg ging, komt het water nu van het kanaal onder hoge druk naar binnen en vult de sluis. Een overweldigende hoeveelheid in een korte tijd. De meer ervaren roeiers laten zich niet van de wijs brengen en ondersteunen diegenen die dit nodig hebben. Fijn! Jan V. houdt de boot, net als de andere stuur, schuin op de golven, zodat deze er geen vat op kunnen krijgen. Er lijkt geen einde aan te komen, maar toch eindelijk na zo’n anderhalve meter lijkt de druk van de ketel, en gaat het water meer geleidelijk omhoog. Een flinke zucht van opluchting ontsnapt de stuur. Pfff… De sluisdeuren openen zich, de sluiswachter belooft de volgende keer de ‘automatische piloot’ uit te zetten en het karwei handmatig te klaren. Met een groet varen we richting het Kanaal Almelo-De Haandrik voor het laatste deel van de tocht.

Zo’n vijf uur later, 16 kilometer geroeid, een ervaring én heerlijk smerige boten rijker, meren we weer aan bij het vlot van de Sallandse Roeiclub. Voor de laatste keer steken we de handen uit de mouwen en sluiten we deze dag af met goede herinneringen, dankzij ook een uitstekende organisatie; een lach, genieten, kameraadschap, samenwerking en op elkaar kunnen bouwen. Steekhoudende steekwoorden.

De deelnemers: Vrouwke, Tineke, Jan V, Hendrik vd L, Margret, Annemiek, Jeanne, Okko, Wil R en Ada.
Foto's